Jozef en Maria in de Pyreneeën

In de Pyreneeën kun je schitterend wandelen, lazen wij in het reisverslag van onze vriend Theo. We moesten het in zijn reisverslag lezen omdat hij het ons helaas niet meer zelf kon vertellen. Hij was met een groep aan het wandelen geweest, op een rustdag ging hij vanaf de camping alleen de bergen in om foto’s te maken en kwam niet meer terug.

 

Een jaar later waren wij op dezelfde camping om een aantal routes te lopen in de hoop, tegen beter weten in, dat wij “iets” zouden zien waarmee wij Theo zouden vinden. We zouden een dagtocht maken, slapen in Silva d’Oza en de volgende dag weer terug. Met uitsluitend een dag proviand en een noodrantsoen gingen wij op stap. In Silva d’Oza was een camping met hotel hadden wij in Theo’s reisverslag gelezen, dus eten en slapen zou daar geen probleem zijn.

Na een wandeling met veel stops over de G12-route kwamen wij toch netjes voor het invallen van het donker aan in Silva d’Oza. Maar om de camping stond een groot hek, en dit hek was dicht. 

Het grote vakantieparkcomplex was geheel verlaten. Er woonde ook geen mens. Een spookdorp buiten het toeristenseizoen die begin juni dus duidelijk nog niet begonnen was. Gelukkig was er een refugio met betonnen banken waar je met een matje en een slaapzak goed zou kunnen slapen, ook was er een haard zodat je met een lucifer of aansteker een vuurtje kon maken om te koken en een beetje warm te worden. Maar dat hadden we dus allemaal niet bij ons. 

Mijn man heeft nog een poging gedaan er iets van te maken: hij heeft van takken en bladeren iets gemaakt wat op een bed moest lijken. Gelukkig vond hij in de buurt een kraantje, een dag zonder eten gaat nog, maar water is echt de eerste levensbehoefte.

Liggend die nacht, lukte het slapen echt niet. Buiten was het angstaanjagend stil en heel donker, het leek alsof de bewoonde wereld vele kilometers verwijderd was. Onze situatie deed ons denken aan Jozef en Maria. Wij waren blij dat ik nog maar 4 maanden zwanger was en ons kindje niet die nacht in de “stal” geboren zou worden. 

Aan het eind van de nacht hoorden wij een brommertje rijden, er waren dus toch mensen in de buurt. Al snel werd het licht, wij treuzelden niet, pakten zo snel mogelijk onze spullen bij elkaar en gingen weer op onze weg terug. De zon kwam op en verdreef de kou. De eenzaamheid van de nacht verdween. Opeens leek het weer normaal en waren wij gewoon een stel die in de bergen wandelde.

Naschrift: Wij hebben geen enkele spoor van Theo gevonden. Gelukkig vond een jager nog een jaar later een stuk van een menselijk gebit, het bleek het gebit van Theo te zijn. Waarschijnlijk is hij bij het maken van foto´s gevallen. 

Dit verhaal is door Nancy Kuper ingezonden voor de ‘GoMotion-schrijfwedstrijd’ op Berwijzer in het najaar van 2012. De schrijfwedstrijd met als thema ‘licht en donker in de bergen’ werd mede mogelijk gemaakt door SkiWear4All.

Ben je beniewd naar hoe je langer met je rugzak doet?

Edelweiss

Lees ons nieuwste nummer. Nu te bestellen!

Beniewd waarom Innsbruck zo populair is onder de jongeren?