Home » Blogs

Biotoop

5 februari, 2010 - 00:00 - Jonathan Vandevoorde

Het voorjaar is een wonderlijke tijd in de bergen. In de lagere valleien zijn de fruitbomen al uitgebloeid. De hellingen in het rond gloeien frisgroen. Boven klampt de oude sneeuw zich vast aan de hoge bergtoppen, een gevecht tegen de warmer wordende dagen dat bij voorbaat verloren is. Het is Hemelvaart 2009 en het begint te kriebelen. Tijd om op pad te gaan in de zonnige valleien van de Alpen.

Onder onze voeten is de natuur wakker geworden. Een 'explosie van leven' drukt het beter uit. Zodra de sneeuw weg is, steken overal krokussen de kop op. Enige tijd later likken de eerste vlinders het zout van de zongewarmde keien langs het water. En op de almen langs de oevers van de woeste bergbeken deinen oneindige slingers van dotterbloemen. Naast een zitbankje loopt het bronwater in de uitgeholde boomstam over op de grond. Een bruine salamander ziet zijn kans schoon en heeft de plas tot zijn territorium gemaakt.

Verderop een poeltje in een kuil langs het vlakke grindpad. Paardjerijdende paddenpaartjes slepen meterslange strengen vol met eitjes achter zich aan. De plas, centimeters diep en hooguit een paar vierkante meter groot, is één kluwen van aaneengeregen zwarte bolletjes. In deze biotoop wriemelen zich nu al enkele dikkopjes uit het slijk die er hun hele jeugd zullen doorbrengen. Dit is nu hun kosmos. De volwassen padden zetten het op een brullen zodra we uit het zicht verdwijnen.

Een hemelvaartweekend in de Alpen is altijd gezellig, vooral als het mooi weer is. De horeca maakt zich op voor de zomer en de almhut in het zonovergoten dal is weer open. De enige wandelaars die je hier dezer dagen aantreft zijn dagjesmensen uit de streek. We genieten van onze eerste plank met kaas en vleeswaren en een homp boerenbrood.

Het is al vroeg in de middag en we moeten nog helemaal terug naar het dorp. Mijn voeten doen pijn – de bergschoenen hebben net een dik halfjaar in de mottenballen gelegen en zitten stroef. Geen wolkje aan de hemel. Ik vind het zelfs erg warm, een biertje bij aankomst zal heerlijk smaken.

Terrasje van een familiehotel: we zijn de enige gasten. De eigenaar zit buiten zijn boekhouding op te maken maar neemt graag onze bestelling op. Hij is groot, grijs, kalend. Diepliggende ogen, gelooide huid, als leer. Het valt mij op dat hij grote oren heeft. Zijn houthakkershemd hangt los over de broek. Zo nonchalant loopt bijna iedereen hier rond, Hemelvaartsdag of niet, stel ik zo vast. Hij is het archetype van een Alpenbewoner, een die leeft van het toerisme maar nog steeds het aura van oermens over zich heeft.

Hij steekt een sigaret op. Vette, bitter riekende rook verraadt dat het om lokaal fabrikaat gaat. Hoe is het überhaupt mogelijk dat iemand hier roker wordt, waag ik te denken. Ons is het net om die zuivere berglucht te doen. "Komen hier in het voorjaar ook veel Nederlanders?" vraag ik. Elke winter beleeft dit skidorp namelijk een invasie van landgenoten. Er wordt zelfs beweerd dat in enkele après-skibars de eerste hossende polonaises al rond halfvier 's middags worden ingezet. "Best wel, vooral toerbussen", weet hij. "Zo brengt het laagseizoen voor ons ook nog wat op."

Hij vraagt wat wij hier in mei komen doen. Ik leg hem uit dat wij helemaal gek zijn van de bergen en er weer hoognodig naartoe moesten. Ik vertel hem over mijn tijdschrift, dat ik met veel toewijding en idealisme maak. Ik ben weer de ontheemde dromer, die – als het op natuurbeleving aankomt – in zijn eigen biotoop nooit gelukkig kan zijn.

"Zo zijn er nog wel een miljoen laaglanders zoals wij die helemaal niet van een vlakke vakantie houden", betoog ik (ik heb hierop jaren geleden namelijk een marktonderzoekje gedaan). "En die willen graag lezen over bergwandelen en foto's bewonderen van de prachtige bergnatuur. Wij hebben bij ons wel dijken, maar geen bergen." Hij proeft van zijn sigaret."God zij dank!" zucht hij.

Pardon? Ik kan me niet voorstellen dat uitgerekend hij, de oermens, ons dit genot – hoe utopisch ook – niet zou gunnen. De rook om zijn hoofd trekt weg.
"Anders komen jullie allen niet meer hier naartoe en verdien ik niets", spreekt de moderne Alpenbewoner nuchter.

"No winter lasts forever; no spring skips its turn." (Hal Borland)

afbeelding van Jonathan Vandevoorde

Jonathan Vandevoorde is hoofdredacteur van Bergen Magazine en is gediplomeerd bergwandelgids, freelance reisjournalist en -fotograaf. Hij is getrouwd en heeft twee berggeiten.

Meer inspiratie

Landen en gebieden: 

Profiteer nu: 1 jaar Bergen Magazine voor slechts €22,50 + 3 cadeaus!

Voor Bergwijzer.nl zoeken wij een enthousiaste stagiair voor de webreactie.